Paradigma: ik heb niets met de geschiedenis te maken

geschiedenis
Uit de film "Black Venus" van Abdellatif Kechiche

Kan geschiedenis doorwerken naar het heden en de toekomst? Als filosoof zeg ik direct: “Ja, natuurlijk!” Geschiedenis bestaat immers uit de tijdmodi toekomst, verleden en heden, en deze drie dimensies van de tijd staan noodzakelijkerwijs in verband met elkaar. Toch lijkt dit verband niet zo vanzelfsprekend te zijn voor iedereen. Niet voor niets was dit een centraal onderwerp in de Buitenhof-aflevering van 05 juni 2016, waarbij het ging om de vraag of er een relatie bestaat tussen het Nederlandse koloniale verleden en het racisme van nu. Desgevraagd antwoordt emeritus hoogleraar Gloria Wekker: “Hoe kan je denken dat je 400 jaar een koloniaal rijk kunt hebben en dat dat geen sporen na zou laten in de taal, de geschiedenis, in de instituties, maar ook heel belangrijk: hoe je over jezelf nadenkt, en hoe je over de ander nadenkt?”

En nee, meneer Witteman, dat gaat niet na verloop van tijd vanzelf wel slijten. Het is immers een ‘cultureel archief’. Een bewaarplaats van een verzameling van vooroordelen, mythen en denigrerende beelden over de Ander. “Het zijn associaties die voorafgaan als je iemand ziet die d’r anders uitziet — dat je zo iemand een plaats toewijst,” legt Wekker uit. Ter illustratie van de manier waarop zo’n cultureel archief zich toont, vertelt zij een anekdote uit haar eigen geleefde ervaring. Over hoe zij tijdens een vergadering met veel mensen haar hand uitstak om kennis te maken met de eerste man die ze tegenkwam. Hij draaide zich om en pakte zijn jasje om het aan haar te overhandigen. De enige rol die Wekker in zijn ogen kon spelen, was de dienende rol van iemand van de garderobe.

Geen leuke grap, maar dagelijks waarneembare situaties

En wederom nee, meneer Witteman, dit is geen leuke grap, noch is het ‘absurde’ humor die alleen daarom lachwekkend kan zijn, omdat die geen beroep doet op het dagelijks waarneembare. Voor heel veel mensen zijn dergelijke situaties namelijk dagelijks waarneembaar en dus niet ‘absurd’. Het feit dat u moet lachen, is overigens een bewijs temeer dat de geschiedenis wel degelijk doorwerkt naar het heden. Het is namelijk uw toevallig geluk dat u geboren bent als witte man en daardoor in het bezit bent van mannelijk en wit privilege — privileges die toevallig ontstaan zijn in de geschiedenis en zich als zodanig gemanifesteerd hebben. Precies deze historie heeft ervoor gezorgd dat u dit soort ’absurde’ ervaringen nooit zelf hebt hoeven te ervaren en daardoor nog nooit heeft waargenomen. Dit is dan ook de reden dat u überhaupt in staat bent een dergelijke situatie te bestempelen als een ‘absurditeit’ die lachwekkend is.

Laat het nou precies dit inzicht zijn waar het Wekker om gaat als ze vraagt om bezinning en bewustwording. Wat de weg naar een bezonnen bewustwording over de verbanden tussen verleden en heden tot nu toe geblokkeerd heeft, is dat er in Nederland na de afschaffing van het kolonialisme nooit een kritisch debat is gevoerd over wat de werkelijke betekenis is van deze 400 jaar durende periode. En dan niet alleen de betekenis ervan als de triomfantelijke geschiedenis van de ‘VOC-mentaliteit’ die nog steeds doorwerkt in de huidige vooruitgang, rijkdom en welvaart van Nederland. Het gaat vooral om de betekenis van dit historische tijdperk als de mislukte geschiedenis van de verliezers, van de niet-witte mensen van toen. Een geschiedenis die, evenals de welvaart, nog steeds doorwerkt in het Nederland van nu.

Met zulke vrienden hebben we geen vijanden nodig

Dit perspectief blijkt absoluut ontoegankelijk te zijn voor Dilan Yesilgöz, VVD-raadslid in Amsterdam. Al geeft ze eerst wel schoorvoetend toe dat “we zeker moeten leren van onze geschiedenis”, toch lukt het haar om deze woorden direct weer te ontkrachten. Het is namelijk een “hele ingewikkelde om nou te zeggen dat je de effecten van 400 jaar kolonialisme kunt gaan vertalen naar 2016 en hoe wij nu met elkaar omgaan”. En “natuurlijk is er racisme en discriminatie in Nederland en natuurlijk moeten we dit aanpakken, maar dat wil niet zeggen dat je aan de hand van incidenten kunt gaan generaliseren naar de witte man — (wijzend naar Witteman, oh ironie …) — die bijna intrinsiek racistisch zou zijn en dat Nederland in de kern een racistisch land zou zijn.”

Nee, daar neemt Yesilgöz afstand van, en wel van “de perceptie dat we zo’n gefundeerd probleem zouden hebben.” Het bestaan van geïnstitutionaliseerd en dus systemisch racisme is volgens haar “niet te bewijzen” en dus “feitelijk onjuist”. Niet alleen beschuldigt ze Wekker van onwetenschappelijk gedrag door “incidenten te generaliseren naar het geheel” en daarmee “de basis te leggen voor vooroordelen”, ze krijgt het ook nog voor elkaar om met nihilistische goed-is-kwaad retoriek Wekker en de strijders tegen het racisme te portretteren als “bijzonder polariserende” mensen die bovendien “het slachtofferschap cultiveren”.

Wekker heeft meer dan gelijk: “Met zulke vrienden hebben we geen vijanden nodig.” Buiten het feit dat Yesilgöz’ positie uiterst respectloos is, is het vooral beschamend — zo niet gevaarlijk — dat een politicus de eeuwenoude wijsheid van wat geschiedenis feitelijk ís, ontkent.

Historische feiten zijn altijd menselijke geschiedenis

Neem bijvoorbeeld Friedrich Nietzsche, die ons erop wijst dat het bij alle historische feiten altijd gaat om menselijke geschiedenis. Zodoende zijn deze feiten niets anders dan gegevens over de mensen in die geschiedenis. Over hun levens en levenssfeer. Historische data zijn dus op een natuurlijke wijze verbonden met mensen en ze kunnen alleen dan betekenis krijgen als ze binnen hun eigen wereld worden bekeken. Die wereld bestaat uit de levensverhalen en geleefde ervaringen van bijvoorbeeld de slaven in het koloniale rijk. Waar het om gaat, is dat deze betekeniswereld zelf niet ook een van de vele historische feiten is die gedocumenteerd en bewaard zijn in een historisch archief. Laat staan dat ze terecht zijn gekomen in de geschiedenisboeken.

Bij de vraag naar de betekenis van het koloniale rijk, gaat het in feite om de vraag: wat voor betekenis heeft die geschiedenis voor ons nu? Daarom moet de geschiedenis worden bestudeerd in het licht van de betekeniswereld van de mensen van toen, en wel vanuit mijn eigen levensperspectief nu in het heden. Mijn levensperspectief bestaat niet alleen uit al mijn vooroordelen en illusies, maar ook uit mijn toekomst, die reeds leeft in mijn hoop en mijn voorstelling van geluk. Schakel ik echter het licht van de betekenissfeer van de vroegere generaties uit, dan beroof ik de historische feiten van hun betekenis. Sterker nog: ik schakel dan de mogelijkheid uit dat ze überhaupt nog betekenis kunnen hebben voor ons als samenleving en voor mij als onderdeel van deze samenleving.

Het verband tussen toekomst en verleden: het ware beeld van de geschiedenis

Zo is er ook de Joods-Duitse filosoof Walter Benjamin. Volgens hem maakt zich elke generatie een voorstelling van geluk en daarin zit een aanspraak op verlossing. Het verleden zit namelijk vol met dingen die ‘niet’ zijn; gebeurtenissen die nooit hebben plaatsgevonden. Zoals de voorstelling van het geluk van vrijheid van al die slaven die honderden jaren gestorven zijn in gevangenschap. Zij zijn de verliezers van de geschiedenis en het zijn hun verhalen die het ware beeld van het verleden schetsen. En dit is niet het triomfantelijke beeld van de overwinnaars in de geschiedenis dat wel in de geschiedenisboeken terecht is gekomen.

In het verleden zit dus een optie, namelijk dat het verleden zelf niet onverschillig is over wat er gebeurd is. Het is alsof het verleden nog steeds leeft. Daarom mag je het verleden volgens Benjamin nooit losmaken van de generatie die nu leeft. De voorbije generaties hebben namelijk een aanklacht aan de nu levende generatie. Als je in het heden leest wat er in het verleden gebeurd is, dan kan je je schamen en dit komt tot uitdrukking in de aanklacht — oftewel de normativiteit — die naar ons toekomt vanuit het verleden.

Op deze manier krijgt het ware beeld van het verleden betekenis en zin. Het gaat immers om de rehabilitatie van de verliezers van de geschiedenis en het heden is dan niets anders dan de landingsplek van dat ware beeld van het verleden. Daarmee wordt het verleden ‘citeerbaar’, zoals Benjamin dat noemt. Dat wil zeggen dat je het verleden kunt benoemen en elk van haar momenten bespreekbaar kunt maken. Dus ook de weggemoffelde donkere bladzijden waarop de verhalen staan van de verliezers. Hun voorstelling van geluk gaat dan samen met zijn idee dat het verleden een ‘geheime index’ bijhoudt die verwijst naar de eis van verlossing.

De geheime index van het verleden

De geheime index van het verleden visualiseert het onderlinge verband dat er bestaat tussen de vroegere generaties en de latere. Dit betekent niets anders dan dat de gemiste kansen van de vroegere generaties in feite ónze gemiste kansen zijn. Het heden van de actuele generatie was immers de toekomst van de vroegere generaties. In die toekomst — ons heden dus — zit daarom het mislukte streven naar geluk van de verliezers. Zo beschouwd is ons verleden, onze geschiedenis, een mislukt, niet verlost en dus onvrij verleden. Precies hierin zit een belofte die alsnog door ons moet worden ingelost. Het is tenslotte onze eigen geschiedenis die we als erfenis bij onze geboorte hebben ontvangen. Hierdoor zijn we aansprakelijk voor dat verleden. Ieder voor zich en ieder als individu.

Natuurlijk kan niemand terug in de tijd om wat geschied is, ongedaan te maken. Wat we wel kunnen doen is in het heden alsnog een relatie aan te gaan met de vroegere verliezers. Dan kan het verleden op het punt van de gemiste kansen bespreekbaar worden. Een werkelijk historisch bewustzijn is een bewustzijn van al datgene dat nog geen geschiedenis geworden is en daarom alsnog geschiedenis kan worden. Zoals bijvoorbeeld het werkelijke einde van racisme en het werkelijke einde van de kansongelijkheid van mensen die niet wit zijn. Mensen die nu leven en nog steeds geconfronteerd worden met dezelfde oude vooroordelen, mythes en associaties.

Het verleden zit vol met nu-tijd

Als het dus gaat om échte vooruitgang, om échte welvaart en vrijheid voor íedereen, dan zal je je toch kritisch moeten verhouden tot het handelen van je voorouders. Een handelen dat nou eenmaal de geschiedenis is ingegaan en als zodanig onderdeel is geworden van de realiteit van deze wereld. Een realiteit die zelf weer gevolgen had voor de richting die de geschiedenis vanaf dat moment insloeg. Zolang een verleden — en zeker een donker verleden — niet voor een kritisch gerecht wordt gesleept, zal dat verleden onvoltooid blijven en de geschiedenis in dezelfde richting blijven voortduwen. Elk heden — en bijgevolg ook elke toekomst — zal daardoor steeds weer gedetermineerd zijn door dat verleden. Dan kan er nooit sprake zijn van echte vooruitgang, noch van vrijheid. De logica van het begrip vrijheid impliceert immers dat zij nimmer gedetermineerd is.

Eén van Benjamins uiterst waardevolle inzichten is dat het verleden geladen is met wat hij nu-tijd noemt. Als we de geschiedenis van 400 jaar kolonialisme dus niet beschouwen als een afgesloten detail in de geschiedenis, dan kan dit verleden zich tonen als een uiterst actuele maatstaf. Het perspectief van de nu-tijd brengt de eis van de doden en hun lijden weer in het gezichtsveld en legt daarmee datgene bloot wat in het heden de eliminatie van de oorzaken van lijden nog steeds in de weg staat. Aan de hand van een dergelijke maatstaf kunnen we vervolgens de sociale processen van onze eigen tijd transparant maken en vernieuwen. Wij zijn immers degenen die vanaf nu de loop van de geschiedenis bepalen en daarmee het heden van de generaties na ons.


Dit artikel is oorspronkelijk verschenen bij Vileine.com.


Tags from the story
, ,
More from Heidi Dorudi

De universele en onvervreemdbare rechten van de mens

Zijn de rechten van de mens daadwerkelijk universeel en onvervreemdbaar? Donderdag 10...
Read More